

Regenboog
De stille kracht van Sherida Karamat Ali
Sherida oogt uitgerust. Tijdens ons gesprek is ze net begonnen aan haar jaar onbetaald verlof (sabattical) en samen met haar partner druk bezig met de voorbereidingen van haar vertrek naar Aruba.
Een gesprek met een vrouw die bijzonder veel voor de allochtone ouderen in het algemeen en de Surinaamse ouderen in het bijzonder, heeft betekend.
Voorgeschiedenis
In 1972 is Sherida met het hele gezin naar Nederland gekomen. Na een week moest ze alweer naar school omdat de vakantieperiodes in Suriname en in Nederland niet op elkaar aansloten. Maar het wende snel, “als 16 jarige zie je zoiets als een avontuur” herinnert ze zich. “Ik had wel gemengde gevoelens, omdat ik wist wat ik in Suriname verloor. Een prachtig land in een werelddeel dat de toekomst heeft.”
Na haar studie sociologie, ging ze eerst aan de slag bij het COS in Eindhoven in 1986.
Een jaar later kreeg ze een tip over een vacature bij Probrasa, één van de latere
fusiepartners van Palet, die gericht was op de Surinamers in Noord-
Haar taakgebied was in de eerste instantie emancipatie. “Ik had me altijd beziggehouden met emancipatie vraagstukken. Daar ging ook mijn afstudeerscriptie over” vertelt ze.
“Kwetsbare groepen( o.a. allochtone vrouwen, allochtone ouderen) moeten zich eerst in eigen kring emanciperen en organiseren. Dat kun je de stap zetten naar participatie en integratie in de Nederlandse samenleving.” weet ze uit haar jarenlange ervaring.
“Dat principe hebben wij doorgevoerd in het ouderenbeleid van Probrasa, dat toen van de grond kwam.” Migrantenouderen hebben vaak eerst de behoefte om elkaar in eigen kring te ontmoeten en vandaar uit de Nederlandse samenleving te verkennen en in te gaan. Het gaat er dan om te werken aan zelfredzaamheid, mondigheid, volwaardig burgerschap en empowerment binnen de eigen vertrouwde kring. Organisatievorming is dan het sluitstuk in deze werkwijze. “Dat vond en vind ik zeker bij de ouderen heel belangrijk. We hebben altijd gezegd dat mensen voor zichzelf moeten kunnen opkomen. Pas wanneer het heel kwetsbare ouderen zijn moeten er intermediairs optreden.”
Vaak worden allochtone ouderen als onmondige probleemgevallen weggezet, terwijl deze eerste generatie vaak een pioniersrol heeft vervuld en veel levenservaring en wijsheid heeft opgedaan.
De afgelopen jaren heeft ze geleerd dat als je allochtone ouderen met respect benadert en niet alleen rekening houdt met hun specifieke beperkingen(taalproblemen, isolement etc), maar ook hun kracht en capaciteiten onderkent zij ook graag bereid zijn mee te doen. In de eigen taal en op plaatsen waar ze te vinden zijn. Je moet mensen op een gelijkwaardig niveau willen ontmoeten. Ze kunnen dan hun wensen en dromen aangeven.
De ervaring en de methodiek die ze bij Probrasa had opgedaan heeft ze doorgevoerd bij Palet, onder andere voor Turkse ouderen in Tilburg. Het werkte. De behoefte moet vanuit de groep komen. We hebben met de Turkse ouderen, in samenwerking met de gemeente Tilburg en de provincie als subsidiegevers, een project opgezet. Met het geld konden we iemand van de doelgroep onderzoek laten doen naar de wensen en behoeftes van de groep. Net zoals we jaren daarvoor voor de Surinaamse ouderen hadden gedaan. In het eerste jaar werden 125 Turkse ouderen uitgebreid geïnterviewd. Het resultaat daarvan is te vinden in het rapport “Tussen heimwee en kleinkinderen”. Daarna zijn we begonnen met de uitwerking van de conclusies en aanbevelingen. Deze Turkse ouderen hadden behoefte aan o.a. organisatievorming en groepswonen. Dat dit uitstekend is gelukt bewijst het bestaan van Ikinci Bahar en het wooncomplex van 17 woningen voor Turkse ouderen dat in februari 2009 door Tiwos zal worden opgeleverd. Daarbij is ook voorzien in een speciale ontmoetingsruimte voor de Turkse ouderen.
Sherida geeft aan dat veel allochtone ouderen en met name de eerste generatie te maken krijgen met een aantal problemen in Nederland. Het gaat om specifieke zaken m.b.t. wonen, zorg, isolement, taalproblemen en ook armoede, onder meer door de gekorte AOW. De woonsituatie van allochtone ouderen is vaak niet aangepast aan de beperkingen en behoeften van deze ouderen. De gezondheidssituatie laat ook vaak te wensen over door weg die men als eerste generatie hier in Nederland heeft afgelegd. Ook heeft men weinig informatie heeft over de voorzieningenstructuur en zijn deze ouderen erg afhankelijk van hun kinderen. Voorlichting in de eigen taal en belevingswereld is noodzakelijk in het kader van zelfredzaamheid.
Toekomst
Door deze specifieke aanpak hebben wij allochtone senioren in Noord-
Het streven was om de ouderen een stem te geven. We hebben gestreefd naar organisatievorming om ze volwaardig te laten participeren in de Nederlandse samenleving.
Ik hoop dat dit proces door zal gaan en dat er steeds meer allochtone ouderen in Brabant hun stem laten horen. Uiteindelijk moeten alle ouderen zelf kunnen aangeven wat hun wensen en behoeften zijn. Gemeentes zouden er meer aandacht aan moeten besteden.
Diversiteitbeleid
Sherida vraagt zich af of het diversiteitbeleid dat bij diverse steden wordt gevoerd wel tot de gewenste resultaten zal leiden. De kortlopende specifieke projecten die daarbij moeten worden aangevraagd, hebben meestal ook een kortdurende werking.
“De gemeentes zouden veel meer gebruik moeten maken van de vrijwilligersorganisaties die heel betrokken en goed bezig zijn.” vindt ze. Er zijn bijvoorbeeld in Tilburg, Breda en Eindhoven ouderenorganisaties die een goede bijdrage kunnen leveren aan het ouderenbeleid van de gemeente. Het serieus nemen van deze organisaties is een voorwaarde voor een volwaardige participatie van allochtone ouderen in gemeentes. De ouderen zijn vooral te bereiken samen met deze organisaties.”
Voorbeeld
Sherida wijst naar de organisatievorming bij Surinaamse ouderen, waar dus al vanaf 1987 aan is gewerkt. Het is een zaak van lange adem, maar het werkt.” In bijna alle grote steden zijn eigen organisaties voor Surinaamse ouderen ontstaan en die hebben zich weer provinciaal georganiseerd in het PSOB. Naast het participeren in de locale algemene ouderenoverleggen, wordt ook meegepraat in het VBOB, het provinciebrede overleg van ouderenbonden. “De investering verdient zichzelf dus terug.” constateert ze. Als de algemene overleggen een vraag hebben betreffende Surinaamse ouderen, hetzij op lokaal of provinciaal niveau, dan kan het PSOB daar antwoord op geven. De mensen zijn bereikbaar.
Volwaardige participatie
Sherida heeft zich de afgelopen jaren ingezet voor een volwaardige participatie van alle ouderen.
Ze wijst in dit verband ook op de methode “Generaties in dialoog”, van Fos’ten die een bijdrage kan leveren aan het behoud van de solidariteit en verbinding tussen de eerste, tweede en derde generatie migrantengroepen. In Brabant zijn er inmiddels 6 gespreksleiders opgeleid die met deze methode aan de slag kunnen. Door een sterke onderlinge band met hun kinderen en kleinkinderen zullen deze ouderen zich sterker voelen om naar buiten te treden. Het gaat om solidariteit en het voorkomen van isolement. Zo krijg je een optimale situatie, waarbij ouderen zo lang mogelijk zelfstandig kunnen blijven functioneren in een omgeving, waarbij de kwaliteit van leven goed is en dat bepaalt dan weer de mate van participatie aan de samenleving! “ betoogt ze.
Afscheid?
Voorlopig gaan Sherida en haar partner voor een jaar naar Aruba.
Je komt toch wel terug?
“Misschien…” lacht ze.
Wat Sherida wel graag kwijt wil is dat ze iedereen wil bedankten. Ze heeft veel fantastische mensen leren kennen, veel getalenteerde mensen, zowel ouderen als jongeren met wie ze het geluk had samen te werken. “Ik heb veel geleerd van hun wijsheid en kracht”.
Wij van de redactie willen op onze beurt Sherida bedanken voor alles wat ze – heel vaak op de achtergrond – heeft gedaan voor de allochtone ouderen. Daarbij hield ze zich lang niet altijd aan haar werktijden. Een betrokken en getalenteerde vrouw, kunnen we op onze beurt zeggen. Met veel liefde voor de mensen waarom het gaat.
(De Regenboog, september 2008)